Het eerste exemplaar voor Ben Wijnstekers

Op vrijdag 26 juni 2020 om 15:00 uur is het eerste exemplaar van Beter dan de beste overhandigd aan Ben Wijnstekers. En dat is niet de eerste de beste: 36 interlands, jarenlang aanvoerder van Feyenoord. Rechtsback in de bekerfinale van 1980. Op deze pagina krijgt u een indruk van hoe het ging. In de vorm van een soort stripverhaal.

Ben Wijnstekers

Ben Wijnstekers neemt het eerste exemplaar van mijn boek in ontvangst... Een jongensdroom is wat veel gezegd, maar erg leuk was het wel. Die warme, hete vrijdagmiddag aan de Meent in Rotterdam, een steenworp van het Stadhuis op de Coolsingel. Drie steenworpen van de Hofpleinvijver. Iemand moet het doen, zo'n eerste exemplaar aanpakken en met je op de foto willen. Mijn eigen buurman had ook gekund. Aardige vent. Maar de rechtsback uit de bekerfinale van 1980, dat had toch wel mijn voorkeur.

Boekhandel Snoek

We waren er ruim een uur van tevoren, mijn vrouw en ik. Want stel je voor dat er iets met de treinen mis is. Voor een boekpresentatie van je eigen boek geldt net zoiets als voor die strafschop van Karel Bonsink. Die wil je niet missen. Snoek kreeg bovendien nog twee van de drie posters die ik had laten maken. Eentje liet ik er thuis, dacht ik, maar dat bleken er twee. Dubbele pech op vrijdag de twee-keer-dertiende. Gelukkig ben ik niet bijgelovig. Ik hielp de boekhandelaar en zette twee statafels buiten. Zou het zo leeg blijven op deze warme middag in juni?

"Daar komt-ie!"

"Daar komt-ie!", zei mijn vrouw terwijl zo door de winkelruit naar buiten keek. Het kwam niet in me op om te vragen wie ze bedoelde. Ben Wijnstekers arriveerde keurig op tijd, had een kwartier speling genomen. Ik had ingeschat met 32 graden "overdressed" geweest te zijn met een colbertje en overhemd met lange mouwen. Dat bleek te kloppen. Ben had net zo'n fraaie polo als ik, maar dan een witte. Voor hem werkkleding. Vreemd om iemand te spreken wiens stem en gezicht je zo enorm bekend voorkomen, terwijl hij jou voor het eerst ziet. Feyenoord TV is een eenzijdig medium. Hij ziet de kijkers niet.

Wegen na Rome

Omdat we tijd over hadden, greep ik mijn kans om te doen wat ik al twee jaar wil: een exemplaar van Wegen na Rome aan deze jeugdheld geven. Ik vroeg voorzichtig of hij wist hoe negatief Jan Zwartkruis in zijn biografie over hem schreef. Aanvankelijk was de toenmalige bondscoach – terecht! – vol lof over de jonge verdediger. Maar later had hij de wedstrijd tegen West-Duitsland tot een karikatuur gemaakt. Drie doelpunten van Klaus Allofs, en dat was Bens "mannetje" geweest. Ik zei nog dat het kopdoelpunt van Michel van de Korput in mijn ogen ten onrechte voor buitenspel was afgekeurd. Oranje had gewoon derde kunnen worden in 1980. Veertig jaar later had de verdediger van het Nederlands elftal dat niet meer voor de geest. Wist nog wel hoe sommige oudere spelers wel erg bezig waren met andere dingen, zoals azen op een laatste transfer.

Waarom 1980?

Mijn 'praatje' voor de aanwezige belangstellenden begon met de vaststelling dat we op de enige plek ter wereld waren waar 'Beter dan de beste' te koop was. Op dat moment was dat nog waar. Een dag later mocht ik, volgens afspraak, mijn eigen verkoop beginnen. Nu we er toch waren, vertelde ik de aanwezigen hoe ik op 1980 gekomen was. Eerder had ik me al sterk verdiept in Oranje in datzelfde jaar. Ik voelde me een roepende in de woestijn. Niet alleen vanwege de hitte. Een praatje over het Nederlands elftal, hier, voor dit volk... op een steenworp van de Coolsingel. Je ziet aan m'n gezicht dat het niet landt. Ik moest maar snel van Oranje overstappen naar het rood-wit op mijn blauwe presentatiepolo. En ik snapte dat publiek best. Zij kwamen voor dat nieuwe boek én voor Bennie.

De preek

Ik voelde me een soort dominee en die trap was dan de kansel. Handig, want je kon iedereen goed zien en ze konden jou beter horen. Maar in tegenstelling tot wat in kerken gebeurt, was het niet de bedoeling dat ik die hele trap op klom. Ik moest zelf maar aanvoelen hoe hoog. Psychologisch een interessant experiment, maar ik had geen tijd om erbij na te denken. Getuigt het van veel of weinig zelfvertrouwen als je er een treedje bovenop doet? Het praatje ging over die pieken en dalen van het seizoen. Ja, ook de 0–4 tegen Excelsior en de verspeelde derde plek aan PSV. Maar ik wees er ook op dat die 4–0 tegen Ajax van 29 september 1979 de grootste overwinning ooit zonder tegendoelpunten was. (Staat niet in het boek trouwens, kwam ik later pas achter.)

De beker

"Dan ga ik nu over tot het uitreiken van de beker", zei ik, want als docent op een hogeschool heb ik gemerkt dat een beetje humor in je verhaal je populair maakt. Je krijgt er ook aandacht mee. De grap hoeft niet eens goed te zijn: als de timing en intonatie maar kloppen. Die beker, dat was een koffiemok met de opdruk "Beker 1980". Die had ik voor mezelf gemaakt omdat ik zo graag herinnerd word aan de leuke ervaring van dit boek schrijven. Voor de mensen die mijn eerste pennenvrucht Zoekt & Gijzelt kennen, nog een aardige anekdote. Ik zocht of er niet al een boek was over de beker van 1980 en kwam via Bol.com op een boek van Henri Nouwen: kun je de beker drinken? Gekke titel, want een beker kun je niet drinken. Net zoals je bestek niet kunt eten.

De overhandiging

En toen kwam het moment waar het eigenlijk allemaal om ging, hoewel dat rationeel gezien natuurlijk niet waar is. De overhandiging van een eerste exemplaar is een nogal symbolisch gebeuren. Een ritueel haast. De moeite die we erin steken om dat ene boek te geven staat in geen verhouding tot de materiële waarde ervan. Het gaat om de promotie van de boekwinkel, van Feyenoord, van mijn eigen boek, maar vooral ook alles eromheen. De sfeer, de contacten, het leuke om bekenden te zien of juist in gesprek te raken met iemand die je nog nooit eerder hebt ontmoet. Die wel dezelfde belanstelling blijkt te hebben. Een boekpresentatie gaat niet om papier, maar om mensen van vlees en bloed. Deze vrijdag ben ik meer gaan inzien hoe sneu het is dat we met z'n allen van alles via internet kopen. Een boek haal je in een boekwinkel. Bijvoorbeeld bij Snoek in Rotterdam.

De eerste

Het eerste exemplaar, dat hield ik bij mijn vorige twee boeken gewoon zelf. De tweede was voor een goede Vriend die betrokken was en de derde voor de eerste die zich meldde. Ik had er geen ervaring mee, maar als ik nog eens een eerste exemplaar overhandig, dan ben ik erop voorbereid dat iedereen die in de winkel staat een foto gaat maken. Dat is leuk, maar waar kijk je dan heen? Zo lukte het nauwelijks om een foto te vinden waar de gever en de ontvanger in dezelfde lens keken. Nou ja, misschien is dat ook niet erg. Twee foto's heb ik uitgezocht, de mensen die er waren hebben hun eigen beeld op de smartphone.
(Bedankt, Arjan! En bedankt, fotograaf van De Havenloods!)

De poster

Ondertussen hing mijn poster daar, op de wand achter de kassa. Soms keek ik ernaar. Ik ben er zelf best tevreden over. Dat rood-wit dat spreekt en je ziet meteen dat het om een boek gaat. En om de doelgroep wat enthousiast te krijgen staan er die twee uitslagen waar de titel op gebaseerd is. Van onder de poster kijkt Geert Mak geamuseerd de winkel in. Zulke schrijvers heb je ook. Die ervan kunnen leven, van het schrijven. Ik moet maandag gewoon weer werken. Top-schrijvers zijn net net top-voetballers. Ze doen iets wat heel leuk is en krijgen daar dik voor betaald. Nu ik het zeg: zo'n baan heb ik zelf als docent op een hogeschool ook. En wat te denken van iemand die een boekhandel drijft?

De rij

Er stond een heuse rij bij de kassa! En geloof het of niet: niemand kwam vandaag voor een Bosatlas. Ook Vrienden en bekenden kochten hier en nu het boek dat ze anders bij mij thuis met een goed glas hadden kunnen aanpakken. Maar ik gaf ze groot gelijk dat ze het hier deden. Op die plek die vandaag nog de enige in de wereld was waar het boek over de toonbank ging. Als zelfgebakken verse broodjes. En een bijkomend voordeel: als je het boek hier en nu kocht, had je het niet alleen eerder in huis, maar je kon het ook nog laten signeren.

Signeren

Signeren, ja, dat is waar ook. Dat woord had Arno Snoek al een keer gebruikt toen we elkaar spraken en ik wist niet goed wat de bedoeling was. Zelf heb ik het ook wel hoor: als iemand een boek geschreven heeft en ik ben in de gelegenheid om de auteur zijn handtekening erin te laten zetten, dat zal ik dat niet laten. Het is net of het boek dan pas echt geldig wordt. Net als een contract dat je ondertekent. Maar het vreemde vandaag was dat Bennie in MIJN boekies zat te krabbelen... Ik geef grif toe dat ik daar trots op ben, maar ergens klopte dat niet, al snapte ik dat ook weer wel. Want laten we wel wezen: iemand die een boek schrijft over wedstrijden die hij in kranten en videobeelden heeft uitgeplozen, die heeft daar zelf wel het nodige aan bijgedragen, maar datgene wat beschreven wordt is de prestatie van anderen. Hier stond, achter de statafel, de nu 64-jarige rechtsback aan wie Simon Tahamata op 17 mei 1980 weinig plezier beleefde.

Op de foto

Héél even lukte het niet, om anderhalve meter afstand te houden. We hebben de hele tijd keurig ons best gedaan, maar als je met een voetbalheld van toen op de foto kan met je maats, dan kun je daar toch moeilijk zes meter stoep voor uittrekken. Het ging allemaal prima hoor. Net als in een supermarkt. Je best doen, geen handen geven en als het even kan afstand houden. Maar voor deze foto kon dat even niet.

De auteur

Ik had er nauwelijks op gerekend, maar er waren nog aardig wat mensen die aan mij ook om mijn autogram vroegen. Leuk! Daarmee kom je als lezer en schrijver – figuurlijk dan – toch wat dichter bij elkaar. Eigenlijk zou ik aan alle lezers willen vragen om als ze het boek uit hebben het zelf ook nog te signeren. Bijna helemaal achterin, onder die foto waar aanvoerder René Notten de beker boven z'n hoofd tilt. En als u liever niet in dat mooie boek gaat krassen, wilt u dan de laatste zin op pagina 229 ter harte nemen. Daar wordt over de auteur gezegd: 'Hij stelt het zeer op prijs om reacties op dit boek te ontvangen via info@feyenoord1980.nl'